Mouwbanden
Fragment 6
De achterkant

De zijden ondergrond
Het borduurwerk is aangebracht op een fijn geweven zijden stof. Deze ondergrond bood een stabiele basis voor de uiterst fijne borduursteken en liet de glans van de zijde optimaal uitkomen. Op verschillende plaatsen zijn nog stikgaatjes, naden en vouwlijnen zichtbaar.
Aan één zijde is bovendien de oorspronkelijke geweven zelfkant van de stof bewaard gebleven. Deze afgewerkte rand rafelt niet en laat zien dat dit fragment zich dicht bij de oorspronkelijke stofrand van het kledingstuk bevond. De regelmatige weving en de zorgvuldig uitgevoerde zelfkant passen bij een zijden weefsel van hoge kwaliteit.
De zijden borduurdraden
De achterkant laat zien hoe zorgvuldig de borduurder/ster de richting van iedere steek heeft gekozen. Vrijwel alle motieven zijn uitgevoerd met zeer fijne zijden draden. Bij de satijnsteken liggen de draden in lange, vrijwel parallelle banen, waarbij de steekrichting steeds is aangepast aan de vorm van het motief.
Op de achterzijde van de blauwe kleding, de bladeren, de orchidee en de vleugels van de Fènghuáng is dit goed zichtbaar. Hier werd met relatief eenvoudige steken een grote levendigheid bereikt.
Papieren versteviging
Op meerdere plaatsen zijn resten van dun papier bewaard gebleven. Dit papier diende waarschijnlijk als tijdelijke versteviging tijdens het borduren. Het voorkwam dat de zijden ondergrond tijdens het borduren ging trekken of vervormen.
Op sommige plaatsen is het papier na voltooiing grotendeels verwijderd. Elders zijn nog duidelijke resten zichtbaar.
Afhechten van de borduurdraden
De achterzijde laat ook zien hoe zorgvuldig de borduurdraden zijn afgewerkt. Losse draden zijn zoveel mogelijk vermeden. De uiteinden zijn netjes vastgelegd en de verbindingen tussen aangrenzende motieven zijn kort gehouden. Hierdoor bleef het borduurwerk stevig en werd de kans verkleind dat draden zouden losraken of blijven haken.
De borduurder/ster ging zeer economisch met de kostbare zijden draad om. De draden volgen vrijwel steeds de kortste route tussen aangrenzende onderdelen van de voorstelling.
Verkleuring door ouderdom
De kleuren van dit borduurwerk zijn goed bewaard zijn gebleven. Toch laat de achterzijde nog kleurnuances zien, die aan de voorzijde vrijwel zijn verdwenen. Dat is mooi zichtbaar bij het losse fragment met de lelie. Aan de voorkant lijkt het binnenste bloemblad tegenwoordig vrijwel crèmekleurig, terwijl op de achterkant nog duidelijk een zachte roze tint zichtbaar is. Ook bij de pioenen op het losse fragment met de vrouw zijn de oorspronkelijke kleuren aan de achterzijde beter bewaard gebleven. De voorstelling als geheel zal oorspronkelijk iets levendiger van kleur zijn geweest.